In dit artikel
3D-printen gaat niet altijd in één keer goed. Beginners en ervaren makers lopen vaak tegen dezelfde problemen aan: prints die loslaten, draadjes tussen onderdelen of lagen die niet hechten. Het goede nieuws is dat vrijwel al die fouten een bekende oorzaak hebben. Hieronder vind je de zeven meest voorkomende problemen en wat je eraan doet.
1. De eerste laag hecht niet aan het printbed
Als de eerste laag niet goed hecht, laat de print halverwege los en kun je opnieuw beginnen. Dit is een veelvoorkomend probleem.
- Nivelleer het printbed. Een goed afgesteld bed is de basis van elke geslaagde print.
- Maak het bed schoon met isopropylalcohol, zodat vet en stof geen kans krijgen.
- Helpt dat niet, gebruik dan een hechtmiddel zoals een lijmstift, of een printoppervlak dat van zichzelf goed hecht, zoals een PEI-plaat.
2. Warping: hoeken die omhoog krullen
Warping ontstaat doordat het materiaal ongelijkmatig afkoelt en daarbij krimpt. Grote prints en materialen als ABS zijn er extra gevoelig voor.
- Gebruik een verwarmd printbed op de temperatuur die bij je filament past.
- Print in een gesloten omgeving, zodat tocht en temperatuurschommelingen geen vat op de print krijgen.
- Voeg in je slicer een brim of raft toe voor extra hechtoppervlak.
3. Een verstopte nozzle
Een verstopping zorgt voor haperingen in de doorvoer of legt de print helemaal stil.
- Gebruik goed filament en bewaar het droog. Vochtig filament is een bekende boosdoener; bewaar aangebroken rollen luchtdicht met silicagel erbij.
- Maak de nozzle regelmatig schoon met een reinigingsnaald of een cold pull.
- Print op de juiste temperatuur. Te koud veroorzaakt verstoppingen, te heet laat filament verbranden en aankoeken.
4. Stringing: draadjes tussen onderdelen
Bij stringing sleept de printkop dunne draadjes filament mee tussen losse delen van de print. Ook hier speelt vocht mee: nat filament stringt sneller.
- Verhoog de retractieafstand en retractiesnelheid in je slicer.
- Verlaag de printtemperatuur een beetje als het filament te dun vloeit.
- Controleer of de hotend goed is afgedicht, zodat er geen materiaal langs lekt.
5. Lagen die slecht aan elkaar hechten
Slechte laaghechting levert zwakke prints op die langs de laaglijnen breken.
- Zet de printtemperatuur hoog genoeg, zodat elke nieuwe laag goed versmelt met de vorige.
- Verlaag de printsnelheid, zodat het materiaal de tijd krijgt om te hechten.
- Kijk kritisch naar de koeling: te veel ventilator koelt een laag af voordat de volgende erop ligt.
6. Onregelmatige printkwaliteit
Zichtbare lijnen, bultjes of golfjes in de wanden wijzen meestal op een mechanische oorzaak of een verkeerde doorvoer.
- Controleer de spanning van de riemen; te veel speling zie je terug in de beweging.
- Kalibreer de extruder, zodat die precies de juiste hoeveelheid filament doorvoert.
- Gebruik een goede slicer zoals Cura of PrusaSlicer en kies daarin het profiel dat bij je printer en materiaal past.
7. De print lijkt niet op het ontwerp
Komt de print niet overeen met wat je op het scherm zag, dan zit de fout vaak in het bestand of in de slicerinstellingen.
- Controleer het STL-bestand op gaten en fouten met een programma als Meshmixer of Netfabb.
- Kijk of de schaal en de oriëntatie in de slicer kloppen.
- Draai eerst een kleine kalibratieprint voordat je aan een groot model begint.
Voorkomen begint bij je materiaal
Fouten horen bij het leerproces, maar veel ellende voorkom je al met droog, gelijkmatig filament en instellingen die daarbij passen. Begin je net, dan is PLA het meest vergevingsgezinde materiaal om mee te oefenen. En kom je in slicers en handleidingen termen tegen die je niet kent, kijk dan even in de woordenlijst 3D-printen.
Bekijk het in beeld
Meer video's over De 7 meest voorkomende fouten bij 3D-printen en hoe je ze voorkomt op YouTube →
Europese rollen van 1,75 mm, voor 16:00 besteld is vandaag verstuurd. Vanaf vier rollen zakt de kiloprijs.